Eens in de maand ga ik voor deze rubriek met de ogen dicht voor mijn poëziekast staan om daar een willekeurige bundel uit te nemen. Deze keer is dat Holendrecht van Wouter Kotte (Uitgeverij Impress, Utrecht, 1980), waaruit ik bladzijde 4 met daarop Lot opensloeg:
Daglicht weeft geen
groenkleur van gras door de rozen
maar de weerloosheid van regenbogen
bloemen houden hun vleesmond open
naar bijen en voorbijgangers
maar zaad blijkt zelf slachtoffer
’s avonds kijkt niemand meer om:
elke grond is gevuld met afgrond











.jpg)
.jpg)





%20.jpg)


.jpg)





.jpg)
.jpg)


















.jpg)