donderdag 2 april 2026

Uit de kast (CLXVI): Leo Herberghs


Eens in de maand ga ik voor deze rubriek met de ogen dicht voor mijn poëziekast staan om daar een willekeurige bundel uit te nemen. Deze keer is dat Portret van een landschap – Gedichten 1953-1997 van Leo Herberghs (Uitgeverij Plantage, Leiden, 2000), waaruit ik bladzijde 172 met daarop gerucht opensloeg:

gehoord heb ik. wat?
geboorte van hoefslag
waaien van rag

gehoord heb ik. wat?
nasleep van sneeuwen
krimpen van steen

gehoord heb ik. wat?
wind van beneden
neerslaan van as